Of ik een column wil schrijven voor Aan de Orde? Voor rapporten, artikelen of notities draai ik mijn hand niet om, maar een column… Ik pak de krant er nog maar eens bij. Wat gebeurt er eigenlijk in zo’n column?
Waarin is dat nu anders dan al die andere stukken en artikelen? Het is in ieder geval relatief kort, dat scheelt. Vaak zie ik dat de naam van de auteur erbij staat, vaak in combinatie met een pasfoto. Zodat het voor de lezer heel duidelijk is dat het een persoonlijke boodschap betreft. Het is wat losjes geschreven, met veel citaten en verwijzingen naar persoonlijke ervaringen. Uit dat laatste blijkt dat het de schrijver echt aan het hart gaat en dat vertaalt zich naar uitgesproken meningen. Het is daarin opiniërend en daarmee zet het mij aan…, het roept mij op om een mening te vormen, het trekt me uit de neutraliteit. Hoe sta ik daar nu zelf eigenlijk in? Het thema ‘spelend veranderen’ in dit nummer van Aan de Orde, is me uit het hart gegrepen. Ik heb er niet direct een mening over, maar wel veel gevoel bij. Vooral dat woord ‘spelend’ geeft mij ontspanning, tegenover de spanning die het woord ‘veranderen’ bij mij oproept. Het woord creëert bij mij mentale ruimte om zelf iets te creëren. Ik associeer het met woorden als ‘atelier’, ‘werkplaats’, ‘column’, maar ook met ‘festivals’, ‘freestylen’ en ‘jammen’. Een woord dat ik niet direct associeer met ‘vakmanschap’. Om het een zeker professioneel gewicht te geven moet er dan wel een woord voor: ‘serious gaming’. Het voelt ook als een ‘onschuldig’ woord uit vervlogen tijden. ‘Apenkooien’, de laatste keer ‘gym’ voor de grote vakantie, alle toestellen in de ruimte en helemaal los gaan. Soms deed de meester of juffrouw dan ook mee.
Eerlijk gezegd ben ik ergens het ‘spelen’ onderweg ook een beetje kwijtgeraakt. Als het spannend wordt is mijn natuurlijke neiging om even pas op de plaats te maken. Dan neem ik even afstand om in mijn ‘hoofd’ de zaken te ordenen. Vanuit die ordening kan ik me weer verbinden met mijzelf en de ander. Daar heb ik vervolgens mijn vak van gemaakt. Met in mijn rugzak een verzameling aan modellen, theorieën, canvassen, om het ongemak te bezweren. Opdrachtgevers huren mij dan in om even pas op de plaats te maken in de spanning en het ongemak dat zij ervaren. Vaak op zoek naar stevige antwoorden op ongrijpbare vragen. Ongrijpbaar omdat ze veranderen terwijl je er samen over praat en weer een andere vorm aannemen als je er met een ander over praat. Doorwrochte analyses en uitgekiende plannen geven dan tijdelijk verlichting, totdat ze ingehaald worden door de weerbarstige werkelijkheid.
Voor de ongrijpbare vragen is het de kunst om ze niet te vangen in ordening en structuur, maar om ze juist de ruimte te bieden om zich te ontvouwen. Ruimte voor emotie, kunst, humor, associatie, inspiratie, creativiteit en niet de natuurlijke reflex van ordening, analyse, berekening en planning. In de ontwikkeling van de professional, maar ook in de ontwikkeling van ‘organisaties’, zien we dat die speelruimte steeds schaarser wordt. Wat begint met een speels idee wordt in de tijd omgevormd tot een verdienmodel met daaromheen functies, structuren, belangen en posities. De ‘Facebooks’ en ‘Googles’ van deze wereld, zijn ooit in zo’n ‘garage’ of ‘studentenkamer’ begonnen met een creatief idee en authentiek verlangen, maar zijn in de loop der jaren uitgegroeid tot machtsmachines. Machtsmachines die de samenleving in hun greep houden. Hoe kunnen we als adviseurs daarbinnen ruimte maken voor ‘spelend veranderen’? Omdat spel ruimte maakt voor ontspanning en verbinding in tijden van polarisatie en vervreemding.
Ik hoop dat onze vereniging een ‘speelplaats’ voor jou kan zijn. Een plaats waar je uitgenodigd wordt om, in de hectiek van opdrachten, even op verhaal te komen. Je te laten voeden door ideeën van anderen, de ruimte ervaren om je eigen verhaal te ontwikkelen en daarin aangemoedigd te worden door collega’s. Zoals deze column voor mij even een vrijplaats was om te spelen met het thema ‘spelend veranderen’. Weet dat we er voor jou zijn! Op 19 november, de Dag van de Adviseur, gaan we elkaar spelenderwijs ontmoeten. Tot dan… en neem vooral je ‘speelgoed’ mee, je wordt deze keer helaas niet thuisgebracht.
Marc van Leeuwen
Voorzitter Ooa